Meg Stuart
Damaged Goods
Jozef Wouters/Decoratelier
Artikels
Interviews
Workshops
De Morgen, ‘Het zijn goede tijden om elkaar nodig te hebben' - Frederik Willem Daem (27.01.17)
Meg Stuart en Jozef Wouters dromen van nieuwe kunstruimtes - Charlotte De Somviele (30/03/2017)

Meg Stuart en Jozef Wouters dromen van nieuwe kunstruimtes

‘We hebben nood aan structuren in hout en in stro’

Charlotte De Somviele in gesprek met Meg Stuart en Jozef Wouters, 30/03/2017

Scenograaf Jozef Wouters opende in hartje Molenbeek een nieuw atelier, waar zowel kunstenaars, buurtbewoners als ambachtslui onderdak vinden. Choreografe Meg Stuart is de eerste die de plek in het kader van Performatik met haar dansers mocht bezetten. Het resultaat is te zien in Atelier III.

Liverpoolstraat 24, Molenbeek. Het moet zowat de enige plek zijn in de Brusselse Heyvaertwijk waar geen auto’s worden verhandeld. In een oud fabriekspand tussen de vele garages vond Jozef Wouters een nieuwe uitvalsbasis voor “zijn” Decoratelier. De beeldend kunstenaar zal er de komende twee jaar decors maken voor onder andere Thomas Bellinck maar wil er ook andere kunstenaars en lokale initiatieven een plek geven. Die sporen zie je al wanneer je de enorme ruimte binnenwandelt. Een parachute ligt verlaten op een houten tribune, overal staan rekken met felgekleurde kostuums, boven hoor je mensen zingen terwijl technici beneden onder het stof planken zagen. Het is de prettig gestoorde chaos van choreografe Meg Stuart die sinds twee weken met haar dansers in het gebouw aan de slag is. Samen met Wouters en dramaturg Jeroen Peeters presenteert ze vanavond Atelier III, een voorstudie van hun nieuwe voorstelling Projecting [Space[ voor de Ruhrtriennale.

Ontmoetingsruimte

‘In Atelier III hebben we niet de behoefte, noch de druk om een affe voorstelling te tonen, maar willen we op een relaxte manier materiaal en vragen uit ons werkproces delen,’ vertelt Stuart. ‘Dat schept heel andere mogelijkheden. Zowel Jozef als ik zijn erg bezig met de vraag hoe we de blik van het publiek kunnen choreograferen. Atelier III is een fluïde ontmoetingsruimte waarin verschillende praktijken door elkaar lopen en we de klassieke conventies van het theater, waar normaal één ding gebeurt en mensen naar één ding kijken, uitdagen.’ Die transdisciplinaire aanpak verkende Stuart eerder al in het magische Sketches/Notebook.

‘Deze ruimte wil zich vormen naar de artiesten die er werken en vice versa,’ gaat Wouters verder. ‘Dingen die in het theater vanzelfsprekend zijn, moeten we hier opnieuw bevragen: Hebben we een dansvloer en theatergordijnen nodig? Hoe leiden we de mensen door de ruimte? Hoe gaan we om met energie in een plek die allesbehalve ecologisch gebouwd is? De zoektocht naar tijdelijke werkplekken is iets waar veel kunstenaars vandaag mee bezig zijn. Meg en ik wilden ons niet zozeer afkeren van het theater, maar we waren op zoek naar een plek waar we verschillende maanden konden werken en waar de scenografie en de dans samen konden ontstaan. In het theater is zo’n repetitieschema onmogelijk. We hebben nood aan structuren in steen, maar ook in hout en stro.’

Pop-up-atelier

‘We richten het Decoratelier nu zo in dat het na twee jaar verplaatst kan worden naar een andere plek. Er zit een grote schoonheid in je telkens opnieuw aanpassen aan een gebouw, een buurt en de hele economie daarrond. Bewust zijn van de context waarin je werkt, hangt in dit geval niet af van hoeveel buurtbewoners er op de première zullen zijn. Je kan op zoveel manieren deel worden van het sociale ecosysteem: vorige week nog kwamen kinderen uit de buurt hier spelen met de dansers. En we voegen een andere energie toe aan een plek die hoofdzakelijk als commerciële transitzone fungeert. Ik ga ervan uit dat er steeds meer van dit soort pop-up-ateliers zullen onstaan waarin mensen vrij kunnen experimenteren. De grote instituten moeten daarin volgen.’

Gezelschapsdenken

Die flexibiliteit is trouwens niet alleen iets waar de generatie van Wouters, gewend aan kleine budgetten en projectmatig werken, mee bezig is. ‘Continuïteit is belangrijk, maar ik wil géén instituut worden,’ zegt Stuart. ‘Ik zou nooit een studio willen binnenwandelen waarin mijn dansers al weten wat ik van hen verwacht. Ik voel me goed in het theater, maar ik heb een groeiende interesse om buiten de gekende infrastructuren te werken en mijn routines te bevragen.’ Het is precies één van de redenen waarom Stuart Wouters uitnodigde om autonoom kunstenaar in residentie te worden bij haar gezelschap Damaged Goods. Het klassieke gezelschapsdenken, verbonden aan één artiest, lijkt op zijn retour. ‘Het is niet toevallig dat Megs gezelschap geen eigen gebouw heeft,’ zegt Wouters. ‘Het is een dynamisch web van relaties. Ik word niet uitgenodigd om gewoon een decor te maken voor een voorstelling, maar we bouwen een collectieve verbeelding op. Ik word een betere scenograaf door met Meg tijd door te brengen in de studio. Ze leert me dat een voorstel mag falen, net zoals bij de improvisaties van de dansers.’

Interview de Maïa Bouteillet pour le Festival d’Automne à Paris (05.2017) [ Frans ]
PUBLICO, It is still raining on Francisco Camacho - Inês Nadais (16.06.17) [ Engels ]
TANZ, „Projecting [Space[“ in der Zentralwerkstatt der Zeche Lohberg in Dinslaken - Nicole Strecker (20.06.17) [ Duits ]
De Morgen, Niet één, niet twee, maar drie keer geselecteerd voor het Theaterfestival: Jozef Wouters - Evelyne Coussens (04.09.17)

© Damaged Goods — info@damagedgoods.be — +32 (0)2.513.25.40