Hoe ziet de sociale structuur van een familie eruit? Deze vraag onderzoekt Meg Stuart in Do Animaly Cry. Al snel wordt duidelijk dat dit bouwwerk van familiale verbindingen ook andere verhoudingen weerspiegelt. Ze vertegenwoordigt de kern van een samenleving die steeds harder en brutaler wordt: liefde, afhankelijkheid, frustraties, geweld en aantrekking volgen elkaar razendsnel op in dit ensemblestuk. Tederheid mondt uit in een vechtpartij, jovialiteit in hysterie. Een onderhuidse dwang brengt allen samen, in goede en in slechte tijden. Vrijheid is hier zoek. Het decorontwerp van Doris Dziersk bestaat uit een ontzettende tunnel van gewoven twijgen, een roos hondenhok, een drumtoestel en de onontbeerlijke tafel en stoelen. Het biedt de ultieme speelruimte tussen het geciviliseerde en het bestiale.

Do Animals Cry houdt een intens betoog over theatraliteit. Stuart schetst herkenbare figuren en scènes op een podium waar enkel tot het uiterste gedreven karikaturen hun rol spelen: de opstandige rustverstoorder met eeuwige pruilmond, de norse patriarch, het meisje met grote verwachtingsvolle ogen, niet wetend wat en waar en uiteindelijk auto-agressief wordt, en de beklemmend liefdevolle matrone. Ze hebben allemaal een rendez-vous in dit woordarme en cynische kamerspel.

© Damaged Goods — info@damagedgoods.be — +32 (0)2.513.25.40

choreografie
Meg Stuart

gecreëerd met en uitgevoerd door 
Joris Camelin, Alexander Jenkins, Adam Linder, Anja Müller, Kotomi Nishiwaki, Frank Jams Willens

The Skinny (2009)
De Morgen (2009)