Meg Stuart
Damaged Goods
Jozef Wouters/Decoratelier
Artikels
Interviews
Workshops

”Gezelschap hebben” betekent dat je niet alleen bent, dat je jezelf toont en je ruimte deelt met anderen. De identiteit van Damaged Goods verandert steeds. Telkens opnieuw herdefinieert ze zichzelf en zoekt ze naar nieuwe contexten. Ik ben ervan overtuigd dat wanneer je nieuw terrein wil verkennen, je jezelf de toestemming moet geven onbekende plaatsen op te zoeken. Hoewel ik met sommige dansers voor meerdere producties samenwerk, ziet het gezelschap er bij elk project anders uit. Ik hou ervan een open structuur te creëren waarin dansers onafhankelijk zijn en de gelegenheid krijgen hun eigen werk en dat van andere artiesten te ontwikkelen. Ik geloof dat het hen voedt, maar ook het werk zelf. Al deze verschillende mensen die een verandering doormaken, dat is het karakter van het werk. - Meg Stuart.

In 1991 werd het werk van Meg Stuart voor de eerste keer gepresenteerd in Europa op het Klapstuk festival in Leuven. De avondvullende productie Disfigure Study kreeg grote bijval in België en daarbuiten. Ze presenteerde haar tweede voorstelling No Longer Readymade in 1993, eveneens op Klapstuk. No Longer Readymade toerde intensief en lanceerde haar artistieke carrière in Europa. Het artistieke klimaat in België inspireerde Meg Stuart. De interesse in een eigen structuur groeide en leidde tot de oprichting van haar eigen gezelschap in Brussel in 1994.

De naam van het gezelschap vloeit voort uit de eerste recensie van Disfigure Study in The Village Voice. Burt Supree schreef: "But it's failure that absorbs Stuart, the body's stubborn, fumbling thickness, its sticky desires and cruel inefficacies. And everyone is shown as damaged goods." Meg Stuart vond dit een goede beschrijving van haar choreografisch werk. Het legt immers niet de klemtoon op virtuositeit, maar tracht de verborgen wereld van haar dansers te onthullen.

Het gezelschap heeft een open structuur. Ze produceert en coördineert wereldwijd het artistieke werk van Stuart en maakt samenwerkingen met verschillende artiesten en instituties mogelijk. Damaged Goods produceert zeer diverse projecten: van solo’s zoals XXX for Arlene and Colleagues (1995), Soft Wear (2000) en Hunter (2014) tot groepschoreografieën als Visitors Only (2003), Built to Last (2012) en UNTIL OUR HEARTS STOP (2015). Daarnaast produceert Damaged Goods ook publicaties (o.a. Are we here yet?), videowerken (o.a. the invited, Somewhere in between), installaties (o.a. The Only Possible City) en locatieprojecten, waarvan Projecting [Space[ (2017) de meest recente is.

Aangezien improvisatie een belangrijk onderdeel is van Stuarts praktijk, stond Damaged Goods ook mee aan de wieg van tal van improvisatieprojecten zoals Crash Landing (1996-1999), Auf den Tisch! (2005-2011), City Lights – a continuous gathering (2016) en het festival Intimate Strangers (2008, 2011), dat zowel eigen werk als werk van andere artiesten presenteerde.

Meg Stuart/Damaged Goods heeft een doorlopende samenwerking met het Kaaitheater in Brussel en HAU Hebbel am Ufer in Berlijn. Eerder waren er residenties in Schauspielhaus Zürich (2000-2004) en Volksbühne am Rosa-Luxemburg-Platz in Berlijn (2005-2010). In de periode 2010-2015 werkte Meg Stuart/Damaged Goods op uitnodiging van toenmalige intendant Johan Simons samen met de Münchner Kammerspiele. Zowel Built to Last (2012) als UNTIL OUR HEARTS STOP (2015) werden gecreëerd in coproductie met de Kammerspiele. Ook op uitnodiging van Johan Simons werd van 2015 tot 2017 samengewerkt met de Ruhrtriennale. Het locatieproject Projecting [Space[ (2017) werd gecreëerd en gepresenteerd op Ruhrtriennale 2017.

Sinds 2017 maakt scenograaf Jozef Wouters structureel deel uit van Damaged Goods. Als autonoom kunstenaar in residence zet hij er gedurende vijf jaar verschillende projecten op, met als uitvalsbasis zijn Decoratelier in Molenbeek.

© Damaged Goods — info@damagedgoods.be — +32 (0)2.513.25.40